Morde 1976

Het was die nacht, die nacht die ik zo verachtte,

om de verlatenheid en eenzaamheid, die op mij wachtte.

De slaapkamer daar was koud, stil en leeg,

de spanning die tot barstens toe in mijn aderen steeg.

Ik haatte alles en iedereen, ik wilde vermoorden,

als men maar in Godsnaam wilde luisteren naar mijn woorden.

Ik zocht de letters om te vertellen, maar ik kon ze niet vinden,

zij begonnen mij met de hele maalstroom te verslinden.

Ik kon niet meer, ik was radeloos,

en zocht de enige weg, die ik met beide handen en hoofd koos.

MORDE!