Aan mijn geliefde 1976

De bloemen hebben bladeren, zie je dat?

Bomen hebben wortels, wist je dat?

Vogels kunnen vliegen, hoor je dat?

Mensen dragen kleren, voel je dat?

 

Het enige dat je weet is

er bestaan grote, hoge huizen

met lange glazen ramen

en daarachter weet je niets.

 

Het is jouw doolhof, wist je dat?

En ik verdwaal erin, net als in Knossos,

zal ik erin verdolen

net als de vlieg in het web.

 

Het web zal mij niet doden

niet zolang de spin komt

het zal mij alleen doen verstikken

dat de doodsstrijd op mijn gezicht te lezen zal zijn.

 

Mijn dood zal traag zijn

en alles doen verademen

als ik er ben geweest

maar zover is het nog lang niet

 

Ik zal voortgaan

op de slepende manier van een slak

mijn slijm zal ik verspreiden

zoals ik eens met mijn liefde deed.

 

De liefde is nu van jou

maar toch, de tunnel wordt smaller

en hoe hard ik ook graaf

steeds versmalt het zich weer.

 

Ik wil niet dat het mij verplettert

maar dit is de waarheid

ik hoef het niet onder ogen te zien

maar ik ben toch niet blind.

 

Ik ben de jouwe

maar echt geen slavin

behandel mij als vrouw en moeder

moeder van ons kind

 

Help mij uit deze vernauwende tunnel

het sluit zich om mijn lichaam

het knelt af, ik stik

nee, ik leef nog steeds.

 

Lieveling, waar is je innerlijke leven

je emotionaliteit, je idealisme

waar is je echte overgave

jouw moederlijke en vaderlijke intentie?

 

Verloren kan je ze niet hebben

het is toch jouw innerlijke

verberg je het, voor wie en voor wat

voor je toekomst?

 

Help mij jou te helpen

en ik geraak uit de tunnel

geef mij je hamd en ik zal je leiden

ik snak naar jouw liefde, ik verlang!